Jensen Huang is 63 jaar. Hij werd geboren op 17 februari 1963 in Taipei en staat inmiddels zo vaak op een podium dat zijn zwarte leren jack een eigen reputatie heeft. Vorige week kwam hij opnieuw in het nieuws, maar niet met een chip. Huang zei tegen CBS News dat hij niets moet hebben van de waarschuwingen dat kunstmatige intelligentie het einde van de mensheid inluidt. Hij noemde het doemverhalen en zei dat 2030 niet het einde van de wereld wordt.
Dat is een opvallend standpunt van iemand die aan precies die technologie verdient. Maar het is ook niet zomaar een mening van een bestuurder die toevallig langsliep. Huang bouwt al meer dan dertig jaar aan de hardware waar de hele AI-golf op draait, en dat verhaal begint een stuk saaier dan het nu klinkt.
Van Taiwan naar Oregon
Huang verhuisde op zijn vijfde met zijn ouders naar Thailand en kwam op zijn negende in de Verenigde Staten terecht, eerst in Kentucky en daarna in Beaverton, Oregon. Hij sloeg op de middelbare school twee klassen over en haalde zijn diploma op zijn zestiende. Daarna volgde een studie elektrotechniek aan Oregon State University, afgerond in 1984, en veel later een master elektrotechniek aan Stanford die hij in 1992 binnenhaalde met avondcolleges naast zijn werk.
Dat werk was chipontwerp. Huang zat bij AMD en daarna bij LSI Logic, waar hij samenwerkte met twee ingenieurs die zich met grafische versnellers bezighielden, Chris Malachowsky en Curtis Priem. In 1993 begonnen ze met zijn drieën Nvidia. Het businessplan werd volgens de overlevering uitgewerkt aan een tafeltje bij een Denny’s in East San Jose, en Huang werd vanaf dag een directeur. Dat is hij nog steeds, wat hem een van de langstzittende oprichters in de chipindustrie maakt.
Waarom Nvidia uiteindelijk de AI-race won
De eerste jaren waren allesbehalve zeker. Nvidia stond in de jaren negentig dicht bij een faillissement voordat de grafische kaarten aansloegen. Daarna kwam de GeForce-lijn, en daarmee de positie die het merk bij gamers nog altijd heeft. Wie in de jaren daarna een pc bouwde had een mening over Nvidia, meestal een sterke.
De beslissende zet kwam later en had niets met gamers te maken. Nvidia maakte zijn grafische chips programmeerbaar voor werk dat niets met beeld te maken had, en onderzoekers ontdekten dat precies dat soort rekenwerk is wat een neuraal netwerk nodig heeft. Toen de AI-golf op gang kwam lag de hardware er dus al, plus de software eromheen. Dat is de reden dat Nvidia nu de leverancier is van vrijwel elk groot AI-project, en ook de reden dat Huang in 2021 en 2024 in de lijst van honderd invloedrijkste mensen van Time stond en in 2025 in het Person of the Year-nummer belandde als een van de architecten van AI.
Hieronder staat de keynote waarin hij zijn eigen versie van het verhaal vertelt, met de aankondigingen erbij.
Wat je met zijn uitspraken aan moet
Terug naar die doemverhalen. Huang heeft een punt en tegelijk een belang, en dat is precies wat het lastig maakt. Zijn argument is dat de waarschuwingen over uitsterven binnen een paar jaar niet op wetenschap rusten en dat ze vooral angst zaaien. Eerder in september zei hij bij een conferentie van Goldman Sachs iets vergelijkbaars over cyberbeveiliging, namelijk dat er zoveel over gepraat wordt omdat er producten klaarstaan om verkocht te worden, en dat er geen betere manier is om vraag te maken dan een probleem te maken.
Dat is scherp geformuleerd en het is ook wel ergens waar. Maar dezelfde redenering laat zich op hem toepassen. Wie de rekenkracht verkoopt waarmee de hele sector werkt, heeft er geen enkel belang bij dat overheden op de rem gaan staan. Ik lees zijn uitspraken daarom het liefst als wat ze zijn, het standpunt van een leverancier die vindt dat het tempo erin moet blijven, en niet als een onafhankelijke risicoanalyse.
Wat er intussen wel toe doet voor wie thuis een pc heeft staan, is dat de aandacht van Nvidia al jaren niet meer bij gamers ligt. De grafische kaarten die op je bureau passen zijn voor dit bedrijf inmiddels een bijzaak naast de racks die in datacenters verdwijnen. Dat verklaart een hoop over levertijden, over prijzen en over hoe lang je op een nieuwe generatie moet wachten. Wie meer wil lezen over hoe dat bij Nvidia doorwerkt, kan ons stuk over de overname van Hugging Face ernaast leggen.
Gepubliceerd op 21 september 2026. Klopt er iets niet? Laat het de redactie weten.




