Porsche werkt op dit moment aan vijftien auto’s die maar één keer bestaan. De goedkoopste kost 1,6 miljoen euro, de duurste 13,5 miljoen. Dat vertelde Alexander Fabig, bij Porsche verantwoordelijk voor individualisering, aan Automotive News, meldt Autoblog op 26 oktober. Welke auto’s het zijn, zei hij niet. Autoblog verwacht vooral omgebouwde 911’s, en voor het duurste project mogelijk iets op basis van een 918 Spyder of Carrera GT.
Dat roept de vraag op hoe je zo’n auto eigenlijk bestelt, en wat je voor dat geld krijgt. Het antwoord is minder romantisch en tegelijk interessanter dan je zou denken.
Hoe het traject werkt
De afdeling heet Sonderwunsch, Duits voor speciaal verzoek, en bestaat al sinds 1978. In een uitgebreid interview met Motor1 legde Fabig in 2023 uit hoe het in zijn werk gaat. Er is geen toelatingslijst en geen selectie, behalve dat je een heel diepe portemonnee moet hebben. Wie een project start, krijgt een eigen contactpersoon, een ontwerper en een ingenieur toegewezen. Veel klanten, ook uit Amerika, reizen naar Zuffenhausen om materialen en kleuren in het echt te zien.
Ruwweg zijn er twee soorten klanten. De ene komt met een uitgewerkt idee dat alleen nog verfijnd moet worden. De andere heeft een groot idee waar alles nog open is. In beide gevallen moeten de ingenieurs zorgen dat het resultaat veilig de weg op kan en voelt als een Porsche. Fabig gaf als voorbeeld een klant die een Panamera als cabriolet zou willen. Dat kan, maar het is een ontwikkelproject op zich.
Het eerste jaar betaal je volgens Fabig minimaal zo’n 100.000 dollar, en daarvoor krijg je nog geen auto. Je krijgt de documentatie van wat jouw auto zou worden: tekeningen, technische uitwerking, materialen. Pas daarna begint de bouw, en die kosten lopen volgens hem in de miljoenen.
Wat het kost per niveau
Een one-off is het zwaarste wat Porsche aanbiedt, maar niet het enige. Wie de bedragen uit beide bronnen naast elkaar legt, ziet drie treden.
| Wat | Wat je krijgt | Wat het kost |
|---|---|---|
| Re-Commissioning | je bestaande Porsche door de fabriek opnieuw opgebouwd, in nieuwe kleuren en bekleding | 450.000 tot 700.000 euro, exclusief de auto (Autoblog, 2026) |
| Start van een one-off | een jaar ontwerp en techniek, met documentatie van jouw auto | vanaf ongeveer 100.000 dollar (Motor1, 2023) |
| Complete one-off | een auto die maar één keer bestaat | 1,6 tot 13,5 miljoen euro voor de huidige vijftien projecten (Autoblog, 2026) |
Een voorbeeld van die eerste trede: vorig jaar liet een klant zijn Carrera GT door Porsche overspuiten in de rood-witte Salzburg-kleuren van de Le Mans-winnaar uit 1970, met een interieur in rood Alcantara. De kilometerteller ging terug naar nul. Wie weet wat een Carrera GT inmiddels waard is, en wat er mis kan gaan als je er een koopt, leest dat in ons stuk over de Carrera GT met de verzwegen schade.
Waar je vooral voor betaalt
Het grootste deel van het bedrag gaat niet naar materiaal maar naar ontwikkeling. Dat zie je goed aan de Flachbau RS, die Porsche eerder dit jaar liet zien. Dat is een 991 GT2 RS met een platte neus en een grote achtervleugel, geïnspireerd op de GT3 R Rennsport. Porsche testte de nieuwe onderdelen op drie prototypes, wat volgens Autoblog flink in de kosten liep. In de video hieronder zie je hoe de auto van een gele GT2 RS in de werkplaats uitgroeit tot het witte eindresultaat.
Dan is er de wachttijd. In 2023 liepen er bij Sonderwunsch zo’n negen projecten tegelijk en kon het team ongeveer drie nieuwe opdrachten per jaar aannemen. Wie toen aanklopte, stond acht jaar op de lijst voordat zijn project zelfs maar begon, en de bouw zelf duurt daarna nog jaren. Dat er nu vijftien projecten lopen, laat zien dat Porsche de afdeling flink heeft uitgebreid. Fabig mikte destijds al op een stuk of tien nieuwe opdrachten per jaar.
Wat het je echt oplevert
Niet in de eerste plaats snelheid. De techniek onder een one-off komt meestal uit een bestaand model, zoals de GT2 RS onder de Flachbau. Wat je koopt is het verhaal en de zekerheid dat niemand anders dezelfde auto heeft, met de fabriek als bouwer en dus met de papieren die daarbij horen. Dat laatste is wat een fabrieks-one-off onderscheidt van een ombouw bij een specialist, zoals de 911 die Gunther Werks voor Martin Brundle bouwde. Bij een eventuele verkoop maakt dat verschil.
Of het een goede investering is, is lastiger. Een auto die maar één keer bestaat, heeft per definitie geen markt om de prijs aan af te lezen. Ik zou het daarom eerder zien als het duurste hobbyproject dat er bestaat dan als belegging. Voor Porsche is de rekensom wel helder: de marge op deze auto’s is volgens Autoblog uitzonderlijk hoog, en dat verklaart waarom het merk deze kant steeds verder opgaat.
Gepubliceerd op 27 oktober 2026. Klopt er iets niet? Laat het de redactie weten.




