De Veluwe is wat mij betreft het mooiste mountainbike-gebied van Nederland. Vooral op een vroege zomerochtend, als de zon nog niet door de dennen prikt en de zandpaden bezaaid liggen met dauw, is het bijna onwerkelijk dat dit in ons drukke land kan bestaan.
De route die ik aanraad
Mijn favoriete route start bij parkeerplaats De Ginkel, vlakbij Ede, en loopt via de Ginkelse Heide noordwaarts richting Posbank. Officieel is dit een combinatie van twee MTB-routes — de “Ginkelse” en de “Posbank-route” — maar ze sluiten naadloos op elkaar aan. Totale lengte: ongeveer 47 kilometer. Tijd: drie tot vier uur rustig, twee uur als je het serieus traint. Hoogteverschil: ruim 250 meter, wat voor Nederland respectabel is.
Wat je moet weten voordat je gaat
De route is rood gemarkeerd — gemiddelde moeilijkheid — met een paar zwarte secties bij de Posbank-afdaling. Zandpaden, boswegen, kort technische singletracks. Goed te doen op een hardtail, maar met een fullsuspension is het echt genieten. Vergeet je GPS-horloge niet, want het bos is op een paar plekken verraderlijk: routebordjes kunnen weg zijn na de winterstormen.
Vertrek vroeg — vooral in het weekend. Vanaf negen uur ’s ochtends wordt het druk met wandelaars, en de heidegebieden hebben gedeelde paden waar je moet inhouden. Tussen zes en negen ’s ochtends heb je de hele Veluwe praktisch voor jezelf.
Mijn vaste stookplek halverwege
Bij het Kruispunt Plantage, ongeveer op een derde van de route, staat een houten picknickbankje achter een omgevallen den. Er ligt vaak hout en je hebt er een uitkijk over de heide. Ik neem altijd een kleine geupgrade thermoskan koffie mee, een paar boterhammen met pindakaas, en als ik tijd heb een Trangia om water op te koken. Tien minuten daar zitten en je bent compleet opgeladen voor het tweede deel.
Het laatste stuk naar Posbank is technisch het mooiste. Smalle paden door dennenbos, een paar lekkere afdalingen, en dan de heide rondom de gedenksteen waar je in alle richtingen kilometers ver kunt kijken. Voor wie er nog niet was: dat hoort gewoon één keer op de bucket list van elke Nederlandse mountainbiker.
Wat je mee moet nemen
Voor een dagrit van vier uur op de Veluwe heb je niet veel nodig, maar net voldoende. Mijn vaste pak:
- Twee bidons water of een 1,5L hydration pack — er zijn weinig oppakplekken
- Reservebinnenband, plus mini-pomp (vooral op zandgrond gaan binnenbanden snel kapot)
- Multitool en kettingschakel — twee dingen die je hoopt niet nodig te hebben
- Energy bars of bananen — ongeveer 200 calorieën per uur is voldoende
- Telefoon met offline kaart geladen (Komoot of TrailForks)
- Lichte regenjas — Veluwe-weer kan in een half uur omslaan
Wat je beslist niet hoeft mee te nemen: muziek via een speaker op je stuur. Dat is op de Veluwe ronduit a-sociaal — andere mountainbikers en wandelaars die de stilte van het bos opzochten danken je niet. Als je perse muziek wilt, gebruik dan in-ear oortjes van een type dat je omgeving nog hoort.
De beste tijden om te rijden
De Veluwe heeft door het hele jaar heen iets te bieden, maar mijn voorkeur ligt bij april-mei en september-oktober. In het voorjaar staan de heidevelden nog niet vol bezoekers, het bos heeft een fris groen, en de paden zijn op hun mooist. In de herfst kleurt de heide paars en is er een zwaar, aards licht in het bos dat fotografen er onbeperkt voor in hun auto kruipen.
Zomer is mooi maar druk, en het mulle zand wordt los van de regen vermoeiend om door te trappen. Winter is mogelijk maar pas op met sneeuw en bevroren modder — singletracks kunnen verraderlijk glad worden. Eén belangrijke tip: in het droge seizoen (juli, augustus) kunnen sommige delen van de Veluwe afgesloten zijn vanwege brandgevaar. Check vóór je vertrekt de site van Staatsbosbeheer voor actuele afsluitingen.
De Veluwe versus andere Nederlandse MTB-gebieden
Voor wie de Veluwe heeft gereden en zich afvraagt waar je daarna naartoe moet: De Sallandse Heuvelrug ligt er qua sfeer dichtbij, maar is technisch wat eenvoudiger. Het Drents-Friese Wold is dan weer veel rustiger maar mist de hoogteverschillen. En de Brabantse routes rond Veldhoven of Bergen op Zoom zijn dichter aan singletracks, maar minder spectaculair landschap. De Veluwe blijft wat mij betreft de all-rounder.
Een tip voor de terugweg: pak niet dezelfde route terug naar De Ginkel — pak een trein vanuit Dieren of Brummen. Vermoeider en met natte schoenen ben je later op de avond toch blij dat je niet nog eens 25 kilometer terug moet bikken.







