Onafhankelijk mannenmagazine sinds 2021

Redactiestatuut  ·  Over ons  ·  Auteurs

Mannenmag

Gear · Gaming · Sport · Stijl · Leven

Ferrari Amalfi getest: is de opvolger van de Roma de betere dagelijkse GT?

De Ferrari Amalfi volgt de Roma op met 640 pk en weer echte knoppen. Wat hij beter doet, hoe hij rijdt en of hij de betere GT voor elke dag is.

Groenblauwe Ferrari Amalfi van voren in een witte studio

Beeld: Ferrari via YouTube

De Ferrari Amalfi is de opvolger van de Roma en meteen de instapper van het merk. Op 29 oktober verscheen bij AutoScout24 een uitgebreide rijtest, en die bevestigt wat eerdere internationale reviews al suggereerden. De Amalfi is mooier en beter te bedienen dan de Roma, maar onder die elegante lijnen zit een veel feller karakter dan je bij een “dagelijkse” Ferrari zou verwachten. Dat maakt de vraag interessant voor wie er een overweegt: is dit nu de betere GT voor elke dag, of juist een sportwagen in een GT-pak?

We zetten op een rij wat de Amalfi anders doet dan de Roma, waar hij uitblinkt en voor wie hij eigenlijk bedoeld is.

Wat de Amalfi beter doet dan de Roma

Het grootste verschil zit niet onder de motorkap maar achter het stuur. De Roma had aanraakgevoelige knoppen op het stuurwiel, en daar waren klanten en journalisten volgens vrijwel elke review niet blij mee. Bij de Amalfi zijn ze verdwenen. Je start de auto met een rode drukknop op het stuur, en alle andere bediening op het stuur is weer gewoon indrukbaar. Volgens Boss Hunting bood Ferrari zelfs aan om bestaande auto’s om te bouwen. Dat zegt veel over hoe groot de klacht was.

Ook het uiterlijk is aangescherpt. Ferrari stelt dat elk carrosseriedeel anders is dan bij de Roma. De haaienneus van de voorganger is weg, de neus is strakker en over de flanken loopt een pijlvormige lijn van de achterheupen naar de voorwielen. De testrijder van AutoScout24 noemt hem nu de Jaguar F-Type niet meer gebouwd wordt simpelweg de mooiste GT op de markt. Dat is een mening, maar je hoeft hem niet lang te bekijken om te snappen waar die vandaan komt.

In deze officiële video van Ferrari zie je de Amalfi van alle kanten, met de nieuwe neus en de vier uitlaten achterop.

Motor en prestaties

De 3,9-liter biturbo-V8 voorin kennen we uit de Roma, maar hij heeft nieuwe turbo’s en nieuwe software gekregen. Hij levert 640 pk aan de achterwielen, twintig meer dan de Roma, en een koppel van 760 Nm. Ferrari doseert dat koppel per versnelling, zodat de achterbanden in de lage versnellingen niet meteen alles moeten verwerken.

Ferrari AmalfiWaarde
Motor3,9-liter V8 met twee turbo’s, voorin
Vermogen640 pk
Koppel760 Nm
Leeggewicht1.570 kg
0 tot 100 km/u3,3 seconden
0 tot 200 km/u9 seconden
Topsnelheid320 km/u
Zitplaatsen2+2

Op papier is de sprint naar 100 km/u een tiende sneller dan bij de Roma. Dat verschil voel je niet. Wat je wel voelt, volgens de test, is hoe de motor bij elke volgende versnelling meer adem lijkt te krijgen, tot ver boven de snelheden die je op de openbare weg mag rijden.

Is het een betere dagelijkse GT?

Hier wordt het interessant, want de tests trekken een conclusie die niet helemaal past bij het imago. De Amalfi ziet eruit als een rustige grand tourer, maar rijdt als een harde sportwagen. AutoScout24 vergelijkt hem met de Porsche 911 en de Mercedes-AMG GT, die hun bruutheid in het dagelijks gebruik nog proberen te verbergen. De Amalfi doet dat niet. Bij stilstand voel je de trillingen van de motor in de cabine, je hoort de versnellingsbak mechanisch werken en de besturing is erg direct. Boss Hunting zegt het vriendelijker: waar de Roma vooral stabiel en wat nerveus aanvoelde, is de Amalfi wendbaar en gretig.

Voor dagelijks gebruik betekent dat een paar dingen.

  • De voorstoelen zijn erg stevig. Je kunt ze met verwarming en massage bestellen, en volgens de testrijder is die massage na een uur rijden geen overbodige luxe.
  • De achterbank is een noodoplossing. Er zitten gordels, maar het zijn plekken voor korte ritjes.
  • Het infotainmentscherm is klein en zit laag, zodat je voor de navigatie ver van de weg wegkijkt.
  • De bediening van de automaat via knopjes op de middenconsole en schakelflippers vraagt gewenning.
  • In de stad is hij volgens de test best handzaam. De adaptieve Magnaride-ophanging noemt AutoScout24 wel een must.

Ons oordeel is dat de Amalfi niet de betere dagelijkse GT is, maar wel de betere Ferrari. Wie een auto zoekt om elke dag comfortabel lange afstanden mee te rijden, is beter af met een echte grand tourer als de Aston Martin DB12, die meer op comfort is afgesteld. Wie een Ferrari wil die er elegant uitziet en toch bij elke bocht laat merken waar hij vandaan komt, krijgt met de Amalfi precies dat. De Roma was mooi maar wat braaf. De Amalfi is mooi en allesbehalve braaf.

Voor wie is de Amalfi?

De Amalfi past bij drie soorten kopers. De eerste is de man die zijn eerste Ferrari koopt en geen auto wil met een grote vleugel en een middenmotor. De Amalfi valt minder op dan een 296 of een SF90, maar is volgens de testers geen haar minder serieus. De tweede is de Roma-rijder die zich ergerde aan het stuur. Voor hem is dit de upgrade waar hij om vroeg. De derde is de verzamelaar die een V8 voorin wil zolang het nog kan, in een tijd waarin Ferrari steeds meer hybride en elektrische modellen bouwt. Dat merk is in die zin eigenwijs, zoals ook bleek uit hun keuze voor een nep-handbak in de 12Cilindri.

Wie liever open rijdt, hoeft niet te wachten, want inmiddels is er ook een Amalfi Spider. En wie zijn auto zelf wil samenstellen, moet rekening houden met een lange en prijzige optielijst. De testauto stond in de kleur Verde Costiera, een tint die er afhankelijk van het licht blauw of groen uitziet en die volgens AutoScout24 flink extra kost. De configurator staat op de site van Ferrari.

Gepubliceerd op 29 oktober 2026. Klopt er iets niet? Laat het de redactie weten.