Vijftienduizend werkuren, ruim vijf jaar bouwen en een auto die er maar één keer is. Toch wilde in Knokke niemand er genoeg voor betalen. De Daytona Shooting Brake Hommage van Niels van Roij Design bleef tijdens de veilingen van de Zoute Grand Prix steken op 320.000 euro en bleef daarmee onverkocht. Na de veiling werd er alsnog een deal gesloten, maar volgens De Tijd voor een stuk minder dan de schatting van minimaal 450.000 euro, schrijft Autoblog. Het precieze bedrag is niet bekend.
Wij schreven eerder uitgebreid over de shooting brake uit Uden, een Ferrari 599 GTB Fiorano uit 2009 waarvan alleen de deuren nog origineel zijn. De rest van de carrosserie is met de hand opnieuw gevormd in aluminium, als ode aan een eenmalige 365 GTB/4 Daytona Shooting Brake uit 1972. De auto werd in juli 2026 voor het eerst getoond op het Goodwood Festival of Speed. Drie maanden later stond hij al op de veiling, en dat was op zich al opvallend.
Een rekensom die niet sluit
Autoblog rekent het grof voor. In de ombouw zitten 15.000 manuren, die volgens de site ettelijke tonnen gekost moeten hebben. Daarbovenop komt de basisauto, die zelf al rond de anderhalve ton kost. Wie dat optelt en het naast een opbrengst van hooguit een paar ton legt, ziet dat de opdrachtgever er flink op heeft verloren. Waarom hij de auto zo snel na de onthulling verkocht, is niet bekend.
Het verschil tussen kostprijs en marktwaarde is bij dit soort auto’s geen uitzondering, maar eerder de regel. Een carrosseriebouwer maakt een auto voor één klant, met één smaak. Die klant betaalt voor de uren, het ontwerp en het plezier van het proces. Zodra de auto op een veiling staat, telt dat allemaal niet meer. Dan telt alleen wat de volgende koper ervoor over heeft, en die heeft het proces niet meegemaakt.
Wat het origineel al liet zien
Het meest veelzeggende detail zit in de geschiedenis van de auto waar deze hommage naar verwijst. De Daytona Shooting Brake uit 1972 werd gebouwd in opdracht van de Amerikaan Bob Gittleman. Volgens veilinghuis Broad Arrow kostte die ombouw destijds evenveel als vier nieuwe Daytona’s. Toen dat origineel in 2016 in Pebble Beach werd aangeboden, kocht niemand hem, schreef TopGear. Een unieke, historische Ferrari met een verhaal, en toch geen koper.
De hommage uit Uden kreeg dus eigenlijk hetzelfde lot als zijn voorbeeld. Dat is geen oordeel over het werk van Van Roij, want het vakmanschap is indrukwekkend. Het zegt vooral iets over hoe de markt naar dit soort auto’s kijkt. Een verbouwde Ferrari is in de ogen van veel verzamelaars geen echte Ferrari meer. Het woord Ferrari staat ook niet in de officiële naam van de auto, iets waar TopGear eerder al op wees.
Het contrast met de LaFerrari
Hoe het wel werkt, liet hetzelfde weekend in Knokke zien. Daar ging een LaFerrari uit 2015 weg voor ruim 5,1 miljoen euro, de duurste auto ooit op een Belgische veiling. Wij legden in ons stuk over het veilingrecord in Knokke uit waarom juist die auto zo in waarde stijgt. Kort gezegd heeft de LaFerrari alles wat de shooting brake mist, met een fabriek die erachter staat, een vaste plek in de geschiedenis van het merk en een groep kopers die precies weet wat hij krijgt.
De shooting brake heeft daar iets anders tegenover gezet. Hij is mooier en zeldzamer dan welke LaFerrari ook, maar zeldzaam is op een veiling pas iets waard als er meerdere mensen zijn die hetzelfde willen. Bij een auto die er maar één keer is en die zo duidelijk de smaak van één man draagt, is die groep klein. Twee bieders die elkaar opjagen maken een veiling, en die waren er in Knokke kennelijk niet.
Is de nieuwe eigenaar de winnaar?
Voor de koper is dit waarschijnlijk een goede deal. Hij rijdt nu in een auto met een atmosferische V12 van zo’n 620 pk en een carrosserie die niemand anders heeft, voor een bedrag dat ver onder de bouwkosten ligt. Of de auto ooit weer stijgt in waarde, is de vraag. Coachbuilt auto’s kunnen na decennia juist gezocht raken, wanneer het verhaal erachter belangrijker wordt dan de smaak van het moment.
Wat ons betreft is de les vooral dat je zo’n auto laat bouwen omdat je hem zelf wilt hebben, niet als belegging. Wie het als investering ziet, kan beter een fabrieksauto in een beperkte oplage kopen. Wie een droom op wielen wil, moet hem houden. Het jammere van dit verhaal is niet dat er verlies is gemaakt, maar dat de opdrachtgever er zo kort van heeft genoten.
Gepubliceerd op 18 oktober 2026. Klopt er iets niet? Laat het de redactie weten.




